alexandervaleton@gmail.com http://alexandervaleton.tumblr.com/

Pagina's

zaterdag 17 mei 2014

Verplichte vakantie in Addis

-->

 
Een paar weken geleden schreef ik dat ik om vage redenen Ethiopië niet in kwam. Liever gezegd, ik werd op de eerste vlucht teruggezet naar Nairobi. Dat was in januari. Nadien heb ik in samenwerking met de NL ambassade uitgezocht wat het probleem was en via de ambassade kreeg ik de bevestiging dat ik van alle zwarte lijsten af was. Dus in april ging ik het opnieuw proberen. Zonder horten of stoten kwam ik het land binnen en twitterde enthousiast dat het geluk was en dankte de ambassade voor de hulp, die tweet werd zelfs door de ambassade overgenomen; tevreden klanten worden op de bok gehesen. Maar toen ik weer weg wilde vliegen naar Nairobi ontstonden er toch problemen; op het vliegveld werd ik een uurtje vastgehouden (doordat mijn paspoort in een hermetisch gesloten kantoor verdween) en allemaal jonge mannen met hippe spijkerbroeken en t-shirt om mij heen kwamen drentelen. Niet onaardig, maar wel streng. Ik werd uiteindelijk onvriendelijk verzocht het land te verlaten. De vraag was: hoe ben je hier binnen gekomen? Nou, gewoon, door de voordeur.
Vanuit Nairobi had ik weer contact met de ambassade, er werd een zg note-verbale uitgegeven en die werd via de chauffeur aan de immigratie overhandigd, en er kwam een antwoord op papier terug.
Dat zou nu echt genoeg moeten zijn. Ik weer niet wat er in dat velletje staat, het was in het Armaic, een fijn spijkerschrift met kriebels.
Afgelopen week moest ik weer naar Addis en ik vloog er heen, ging een dag eerder om eventuele problemen op te kunnen lossen en wandelde weer zonder moeite de grens over.
het kantoor waarin mijn paspoort verdween
De vergadering was puik en twee dagen later wilde ik de nachtvlucht weer naar Nairobi terug nemen. Weer werd ik teruggeroepen van de roltrap en weer stond er een klein peloton mannen met spijkerbroeken en t-shirts om mij heen. Weer ging mijn paspoort naar het kantoortje en dit keer liet ik ook de note-verbale zien. Onmiddellijk kwam er een man in een pak bij; hij vertelde mij dat dit niet zo kon, dat deze brief betekende dat de hoge baas moest beslissen en dat de hoge baas sliep, en dat ik morgen (vrijdag) mij op het kantoor van Immigratie moest melden.
Praktisch betekende dat dat ik een nachtje moest blijven, dat mijn tas met schone kleren wel naar Nairobi vloog en dat ik lichtelijk prikkelbaar werd.

iedereen is ingecheckt... ik wacht nog even, onvrijwillig.
Ik checkte weer in in het plezierige hotel, en ging me lang douchen omdat ik al een kleine 18 uur zweterige kleren aan had. Ik waste mijn onderbroek en mailde het kantoor dat ik een dagje later zou komen. Die presentatie moest dan maar door de crew worden opgevangen, en andere dingen zou ik wel online kunnen regelen.

Vrijdagochtend was ik om een uur of 9 bij de Immigratie.
Ik had met de mevrouw van de ambassade overlegd en zij vertelde mij: ga er heen, volg de procedure en als het te ingewikkeld wordt; bel dan terug.
Black Lion Building...
Het immigratiekantoor heet ‘Black Lion’.   

Een groot gebouw met een lange rij buiten. Via een zijdeur kon ik naar binnen en moest meteen naar kamer 89. In die kamer waren een paar bureaus neergezet, op die bureaus stond alleen een telefoon. In de kamer waren ook wat archiefkasten en ernaast, erop, ertegen en eronder lagen stapels ‘files’ roze omslagdingen met erin paspoorten en vellen papier. Niet een soort systeem waarin je makkelijk een paspoort terugvind, leek mij.
De twee mannen zaten hard pratend en sticulerend achter hun bureau en voor de bureaus stonden mensen, allemaal met een klein roze papiertje in hun hand. Precies zo’n papiertje had ik ook gekregen toen mijn paspoort werd ingenomen.
het roze fliebertje... tijdelijk paspoort
Na een tijdje voordringen werd mijn fliebertje aangenomen en werd gevraagd wanneer mijn paspoort was ingenomen; ‘gister avond’. Het bleek dat de ingenomen paspoorten nog niet van het vliegveld het immigratiekantoor bereikt hadden. Ik moest even wachten. De heren wilden of konden niet vertellen hoe lang. Met een vriendelijke glimlach wezen ze naar een klein zaaltje vol wachtende mensen. Ik dacht: ‘nou, daar heb ik geen zin in, ik sjees even naar het vliegveld en haal mijn bagage op en probeer mijn ticket van gisteren om te boeken naar vanavond’. Op het vliegveld was mijn bagage niet en in de computer konden ze die nog niet vinden. Bij het Ethiopian Airlines kantoor werd ik ongelooflijk vriendelijk geholpen door een snuggerik. Hij vond in zijn computer mijn bagage, vertelde dat het beter was even te wachten met het terugsturen uit Nairobi omdat meer handeling kunnen leiden tot meer verdwijntrucs en hij reserveerde een vlucht voor me op zaterdag ochtend, dat was zo’n $300 goedkoper dan vrijdagnacht. Aanzienlijk minder dan een nachtje in een hotel hier. Puik plan en hij zette me op een waitinglist omdat ik mijn paspoort nog niet had en niets zeker was. Pappenheimers.

welkom bij de immigratie..
Om 2 uur was ik terug in de Black Lion. Meer een naam voor een obscure discotheek, een achterhoekse motorclub of een geuzennaam voor een voetbalteam dan een servicegericht overheidskantoor. Ik wandelde semi energiek het kantoortje weer binnen en de mannen gingen semi energiek aan het zoeken naar de zending van die dag. Ze stuurden me naar boven, naar het kantoor van hun baas, daar wachtte ik op een pianokruk met 3 poten wiebelend tot de baas mij binnenliet in zijn zaaltje met skai banken en hij keek naar mij, keek naar mijn papiertje en zei dat ik naar kamer 89 moest. Ik vertelde hem dat ik naar boven gestuurd was door 89 en hij belde om te zeggen dat ik op weg terug was. Het enige verstandige van hem was dat hij wist dat het zinloos is te zoeken naar iets dat er niet is. Ik probeerde slim te zijn en zei; ik sta dus blijkbaar ten onrechte op een zwarte lijst, ik zou eraf zijn en hoewel ik mijn paspoort niet heb, kunnen we misschien wel regelen dat ik definitief van die lijst af ben en dat jullie een brief schrijven dat ik er niet op hoor, dat die lijst niet helemaal up to date is en dat ik mij vrij in en uit Ethiopie mag bewegen.
Hij keek mij niet aan toen hij vertelde dat ik naar 89 terug moest omdat ze daar op mij wachten.
Dus ging ik naar 89, de mannen waren nog immer aardig en ik zat op een stoel en hoorde hoe zij een ondervraging doen in het Armaic. De ondervraagde werd van twee kanten bestookt en de ondervragers schreven alles op, op de achterkant van een reeds beschreven velletje. Het klonk niet vriendelijk en de ondervraagde bibberde. Uiteindelijk werd hij meegenomen naar een ander kantoor en daarvandaan hoorde ik het onvriendelijke gesprek doorgaan op een iets luidere toon. Ondertussen bleven ze mij vertellen dat ik moest wachten, de paspoorten waren nog niet aangekomen van het vliegveld.
Deze keer besloot ik dat te doen, en ondertussen belde ik de ambassade maar weer eens om te vertellen dat het niet echt opschoot en dat ik nogal bang werd het weekend in Addis te moeten doorbrengen.
In de wachtruimte werden de kinderen inmiddels opstandig, in de galmende hal klonk hun gekrijs en dat werkte aanstekelijk, zodat ook andere kinderen gingen jammeren. Een gesluierde vrouw vond dat haar kind niet genoeg lawaai maakte en begon hem heel hard te slaan en aan onvolgroeide armpjes te trekken. Het werkte, het geluid werd harder.
Op de bankjes waren de Chinezen in slaap gevallen en hun ‘agent’ in een superstrak rokje en super strak t-shirtje rende tippelend op haar hakjes heen en weer met pakken roze files en maakte hen om de beurt wakker, sleepte ze een kantoor binnen en een kwartier later sloften ze dan weer naar hun plek om weer verder te slapen. Een Amerikaanse blonde moslim, met een rode baard en een moslimpetje op beende van de ene deur naar de andere en werd overal weggestuurd, mannen met jurken, mannen met wijde vlekkerige pakken, vrouwen met te strakke spijkerbroeken en te hoge hakken, vrouwen met lange moslimgewaden… het was er druk, maar een soort gelaten drukte met de audio van krijsende kinderen. (vergeet niet; tientallen overheidsdienaren die rondsloften met een velletje in de hand en heel erg actief niemand aankeken). Ik kon me niet voorstellen dat van al deze mensen een paspoort was ingenomen bij de grens en dat ze dat nu weer kwamen ophalen, maar wist ook niet wat ze hier dan wel deden. Uiteindelijk sprak ik met niemand.
Het gewone nummer van de ambassade werd niet opgenomen. Het noodnummer van de ambassade wilde ik niet proberen. Wanneer bel je een noodnummer? Doe je dat pas als je al in de gevangenis zit? Doe je dat als je gemolesteerd wordt, doe je dat als je je been breekt?
Na nog een half uur belde ik dat toch maar. Het werd niet opgenomen. En nog een half uur later belde ik het nogmaals. Ik kreeg een vriendelijke mevrouw aan de lijn, vertelde de situatie en zij zei dat de ambassade reeds dicht was, maar dat ze contact zou opnemen met de consulaire afdeling. Ze zei erbij dat het nu vrijdagmiddag was en dat het waarschijnlijk lastig zou zijn om het nu nog te regelen.
Langzaam begon ik aan het idee te wennen dat ik nog een dagje moest blijven, wat praktisch betekende dat ik het weekend in Addis zou doorbrengen.

Rond 5 uur waren de paspoorten er nog steeds niet, was er niemand die wilde bewegen en werd de Black Lion gesloten, iedereen werd naar buiten geveegd en ik droop af naar m’n hotel.
In de dagen dat ik hier was had ik een ‘eigen’ taxichauffeur gekregen Salomon werkt ook voor een Keniaanse mevrouw die bij de African Union werkt. Op weg van Black Lion naar mijn hotel wilde hij haar even ophalen en thuis droppen en dan mij wegbrengen. Hij had de hele tijd op mij gewacht (wel af en toe een klein klusje tussendoor gedaan) maar toch. Dus reden we naar het AU kantoor wachtte even op madame Anne en reden via haar huis, dat best een heel eind om was, door de vrijdagmiddagfile naar mijn hotel aan de andere kant van de stad. Madame Anne was verbaasd dat ik nog in de stad was, ze wist dat ik bij de AU een meeting had en ik vertelde wat er aan de hand was. In een zachte sluimertaal vertelde ze dat hier iedereen alles van elkaar weet en dat daarom niemand iets zegt. Dat er overal ‘agents’ zijn. Iedereen in dit land is aardig, maar niemand zegt iets uit angst. Iedereen kan een agent zijn.
Het was een soort feestdag, iets bijzonders met Maria en bij iedere kerk sloeg Salomon een kruisje. In Ethiopië is een feestdag slecht nieuws voor het vee. Het had geregend en dat was weer slecht nieuws voor het verkeer. Dus door de file heen op de drukke straten werden kuddes koeien, schapen en geiten naar het slachthuis gedreven. Wij moesten ook langs dat slachthuis en de scenes waren vrij bruut. De honderden koeien en stieren, een model van ca 1,5 x de Nederlandse maat, met imposante horens, stonden buiten het abattoir te wachten, de stieren werden opgewonden en de veedrijvers sloegen ze met stevige houten balken uit elkaar. De straat, de stoep en de muren waren bevlekt met bloed. Een bloedende stier lag de loeien op de stoep en de mannen eromheen maakte ruzie over wie de schade ging betalen. Door de langzame file was het een vochtige scene uit een slechte film. De chauffeur Salomon vertelde dat het abattoir een plek was die vroeger ver buiten de stad lag, maar dat de stad het omsloten heeft en nu vrij onhandig aan een grote weg ligt. De kopers kopen hun vee buiten het gebouw en nemen het levend mee naar huis; als het kan lopen is het transport goedkoper dan het in het slachthuis af te laten maken en dan in een vrachtwagentje naar huis te transporteren. De beesten en de mensen waren vol adrenaline. De file kroop verder en Salomon vertelde over de oorlogen die Ethiopië gevoerd heeft, dat de Italianen tot de tanden gewapend waren maar door de Ethiopiërs met messen werden verdreven, hij vertelde over de moedige strijd op Eritrea. Iedereen is een warrior, vertelde hij en als het nodig is staat iedereen zijn mannetje, de kordons worden meten gesloten. Hij vertelde over de dammen die Ethiopië aan het bouwen is in de Blauwe Nijl en hoe iedere Ethiopiër er aan bijdraagt en dat Egypte fel protesteert tegen deze dammen omdat ze afhankelijk zijn van het water van de Nijl, maar omdat iedere Ethiopiër bijgedragen heeft het een breed gedragen project is en dat Egypte een schijn van kans maakt.

Vlak bij het hotel ging ik langs bij een winkel waar ik een nieuw schermpje voor mijn Iphone kocht. Er werd benadrukt dat het een origineel scherm was en dat het $20 kostte. Die twee rijmen niet met elkaar.
Terwijl mijn gebroken scherm werd vervangen door een nieuwe werd er een kopie gemaakt van al mijn apps. Ik denk dat ook al mijn contacten gekopieerd zijn. En tegelijkertijd werd door de baas een prachtig meisje van achter de balie met veel misbaar ontslagen. De andere meisjes keken er gelaten naar. Het was een schreeuwende bende, met een lelijke boze baas en een mooi jankend meisje.

Terug in het hotel was eindelijk internetverbinding en kon ik iedereen vertellen dat ik er een weekend niet zou zijn, berichtte ik aan het kantoor in A’dam en in Nairobi dat het allemaal nog wel effe kon gaan duren, en maakte een afspraak met de NL ambassade voor maandagochtend. Belde met Ethiopian Airlines dat ze de stoel konden verkopen aan de hoogste bieder en vroeg of ze mijn bagage toch naar Addis konden sturen.

Vanmorgen, zaterdagochtend, ging ik mijn bagage van het vliegveld ophalen. Het duurde heel lang voordat ik het vliegveld bereikt had. De president en de rebellenleider van Zuid Sudan zijn hier in de stad aan het confereren en hebben gisteren een vredesding getekend. We hopen dat de vrede stand houd. Vanmorgen gingen zij van het Sheraton hotel weer weg naar het vliegveld. Alle straten waren afgezet en om de 100 meter stond er een agent met een AK47 en op straat wemelde het van de jongens in spijkerbroeken en strakke t-shirts. Op het vliegveld werd 3 keer opgeschreven wie ik was en wat ik kwam doen. Ineens zie je hoeveel mannen en vrouwen gemobiliseerd kunnen worden voor de veiligheid van twee obscure leiders. Het systeem heeft de zaken straks onder controle.
Er was geen bagage aangekomen.

Ik heb vanmorgen een lelijke broek en een lelijk poloshirt gekocht, een nieuwe onderbroek en slechtzittende sokken.
Mijn fraaie schoenen zitten onder de modder en hebben krassen opgelopen. Het is zoals het is. Ik heb geen zin om nieuwe (lelijke) schoenen te kopen.






dinsdag 14 januari 2014

Ethiopië, mon amour

-->
spannende vue van Addis Abeba, vanuit de vertrekhal
In mijn nieuwe baan doen we zaken met voor mij weer heel nieuwe partijen. Een van hen is de African Union, een heel erg officieel overlegorgaan van alle Afrikaanse landen. Vergelijkbaar met de EU. Zij hebben hun hoofdkantoor in een prachtig nieuw gebouw in Addis Abeba in Ethiopië.
Mij werd gevraagd of ik, ter voorbereiding van een project bij hen langs wilde gaan.
Tuurlijk, nieuwe landen, immer dol op. En ook nog lekker inhoudelijk de lijnen uitzetten voor een nieuw ambitieus project.
De planning kwam wat ingewikkeld uit maar ijzer kan met handen gebogen worden. Dus ging ik vandaag voor een heen en weertje van Nairobi naar Addis.
Met Daan en Wouter doe ik een laf wedstrijdje wie in de meeste landen geweest is. Gisteren mailde ik hen het korte bericht: ‘morgen +1’

Een jaar of 8 geleden maakte ik in opdracht van de AVRO en van het Nederlands architectuur instituut (NAi) een  pilot voor een programma over Nederlandse Architectuur in het buitenland. De toenmalige directeur van het NAi, Aaron Betksy, zou het presenteren. Op dat moment werd de nieuwe Nederlandse Ambassade in Addis opgeleverd, een nogal spectaculair en bij voorbaat controversieel gebouw. En ik dacht dat het onwaarschijnlijk zou zijn om makkelijk nog eens in Ethiopië te komen, wat zou een mensch daar moeten, dus besloot ik als producent dat we die pilot daar moesten opnemen. Dan ko je nog eens ergens.
Ethiopië staat niet bekend als een buitengewoon open land voor journalisten, maar omdat de aanvraag voor de visa via het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken gedaan werd kon ik mij niet voorstellen dat er veel gedoe zou zijn.
Totdat 2 verschillende kampen in Addis besloten stenen naar elkaar te gooien en wat bomen uit de grond te trekken. Over de hele wereld waren beelden te zien van brandende auto’s en boze gezichten.  Dat vond Ethiopië niet zo leuk.
Toevallig tegelijkertijd werd een medewerker van de Ethiopische Ambassade in Den Haag op straat aangehouden. Hij fietste en de politie vroeg wat er in de plastic zak aan zijn stuur zat. Hij zei “bom” en werd hard op straat geworpen en non-diplomatiek te verstaan gegeven mee te komen. Daarop riep hij dat hij een hoge pief was op de ambassade en toen was er een diplomatieke rel geboren.
mooie etalage op het vliegveld: onbereikbare koffie
Buitenlandse Zaken vroeg visa voor ons aan, maar die kregen we niet. De officiele reden die wij kregen was dat door ‘het gedoe’ in de stad het Ethiopische ministerie van Binnenlandse Zaken onze veiligheid niet kon garanderen. De aanvraag voor die visa duurde ons toch al veel te lang en een paar weken eerder hadden we al besloten dat Ethiopië en beetje te veel gedoe was, en we verlegden onze aandacht naar een ander buitengewoon gebouw. We draaiden een pilot bij El Mirador van MVRDV in Madrid. Het werd een puik filmpje en een leuke trip met Betsky. Hij werd kjort daarna directeur van het Museum in Cincinnati en de AVRO ging verder bezuinigen op cultuur en de serie kwam er dus nooit.

Vanmorgen stond ik om 5.30 uur op, voor de files uit reed ik naar het vliegveld. Was daar gapend vroeg en hing wat rond om de vlucht van 9.30 te nemen.
Om 11.30 kwam ik aan in Addis en om 12.30 was ik door de douane, om 13.30 zou ik die belangrijke vergadering hebben, om dan om 16.00 uur weer op het vliegveld te zijn en 20.00 uur weer thuis.
Tot en met de douane ging het goed. De douanier was een jongen in een flodderig shirt... ik maakte een praatje met hem over welke taxi ik moest nemen en hoeveel dat mocht kosten. Ik dankte hem en liep verder. Lichte spanning omdat ik een nieuw land ging betreden. Diezelfde jongen kwam achter mij aan en vroeg of ik ooit eerder in Ethiopie was. ‘Nee..’ ‘Loop effe mee’, zei hij… hij haalde er een stralende en vrolijke mevrouw met een hoofddoek bij en samen keken ze van mijn paspoort naar een beeldscherm, naar mijn paspoort. En liepen toen een hokje in. ‘No problem… never been here before?’ “Nee hoor nog nooit’. Of ik effe wilde wachten…

Uit het hokje kwam mijnheer 3 en ineens bedacht ik mij het bovenstaande verhaal. Ik was het helemaal vergeten. Maar eigenlijk wist ik ook niet precies wat er gebeurd was… Was ons een visum geweigerd? Hadden wij geen gebruik gemaakt van het visum wat wij ooit kregen? Is die aanvraag vriendelijk of onvriendelijk afgewezen?
De ene mijneer en de gehoofddoekte zag ik in een kamer linksboven met de rij orders beginnen. Ze habben van de baas de opdracht gekregen om uit te zoeken waarom ik op de zwarte lijst sta. De kast is vrij groot en ze begonnen klaarblijkelijk willekeurig te bladeren. Ik zag foto’s van allemaal duistere mannen in slechte fotokopieen en de mijnheer en mevrouw blijven door een raam zeggen “No problem… Never been here before?’ Ik zeg dat ik een afspraak heb bij de African Union en ik zie dat ze wat harder gaan bladeren.
Speld in hooiberg.
Op een gegeven moment boomt er een man het kantoor binnen, linnen pak, roze overhemd, gecoiffeerde snor. Hij kijkt naar mijn paspoort, ziet mij buiten het raam staan, hem wordt verteld dat ik graag even met hem wil spreken. Hij kijkt mij nog eens aan en schudt zijn hoofd en loopt de deur uit. Voor mij uit ‘t zicht.
Door het piepkleine raampje vraag is of dat de boss is… ‘jazeker’.
‘Kan ik nog even met hem babbelen?’ (onder het motto: Never accept a ‘no’ from someone how can not give you a ‘yes’) ‘Maybe later, after lunch..”
After lunch dan gaat mijn vliegtuig alweer bijna terug…
Ondertussen waggelt hij in zijn linnen pak achter mij langs, op weg naar z’n lunch. De actie mislukt al voordat hij begonnen is.
Het enige wat ik mij kan voorstellen is dat we toentertijd op een zwarte lijst terecht gekomen zijn. Voor mij was het een niemendallerig onbelangrijk dingetje. Voor de Ethiopiërs toentertijd blijkbaar niet… en als je eenmaal op zo’n lijst staat, zie er dan maar weer eens af te komen.  

Op een klungelige manier wordt het visum uit mijn paspoort gehaald, met moeite mag ik mijn
bruizend internetcafé op het vliegveld
afspraak bellen om te vertellen dat ik er niet ga zijn. Het voelt als dat een gesprek waar je recht op heb na je arrestatie.

Ik wandelde een verlaten vertrekhal in. Lege winkels, jaren 80 advertenties, een uitgestrekte steppe van gemiste kansen. Ik heb heel erg zin om die ebne verlaten schoonmaker een klap in zijn gezicht te geven.
Even skypte ik met het kantoor in Amsterdam. Ik kan er niets aan doen, maar toch geen goede beurt. Ik mail me suf met het kantoor in Nairobi… ik hoor door hun mails die jongens daar zachtjes lachen. Altijd hebben zij problemen de Schengen landen binnen te komen, nu is er eindelijk een Europeaan die een Afrikaans land niet in komt. Een vleugje lekker-puh en ik kan ze geen ongelijk geven. Ik voel me altijd onplezierig als ik hoor hoe lastig het is voor hen naar Europa te gaan.

de prachtige executive lounge op het vliegveld
Een mevrouw van de executive lounge vond me sneu en liet me binnen. Hier zit ik nu al 4 uur te werken en kopjes te drinken tussen mooie lege rode stoelen.

Dus voor de prijs van een ticket en een taxi heb ik vandaag en dagje kantoor gehouden op een heel origineel plekje: de executive lounge van het vliegveld van Addis Abeba. 

Ik heb Daan en Wouter net een foto van een lege vertrekhal gemaild met wederom een korte tekst: ‘mission failed.’

















zondag 5 januari 2014

back on track



Ooit had ik een compagnon. Ongeveer 2 levens geleden handelde ik in boeken en samen met Henstra had ik een winkel (Valeton & Henstra). Meestal zat Henstra nurks achter de kassa Javaanse Jongens te roken en was hij een somberend uithangbord van het bedrijf. ‘s Avond kwam hij meer tot leven, met een glas in de hand verruilde de dominee zijn territorium en werd hij filosoof wat hem niet minder dogmatisch maakte en zeker niet milder over hen die andere waarden en normen hadden.
De afgelopen weken dacht ik een aantal keer over Henstra na en met name over zijn stelling: ‘Ga nooit terug naar waar je vandaan komt’.

Jarenlang heb ik bij verhuizingen, carriere switches en andere life changing events gedacht aan de wijze woorden van wijlen Henstra. Zijn woorden waren de legitimering een dwaze angst in cirkels te bewegen; ik zette alleen stappen vooruit, dwangmatig om te blijven bewegen. Met gepaste regelmaat vergat ik daarbij mijn straatje schoon te vegen en te lang bij ‘het vorige’ te blijven stilstaan; nee, bewogen moet er…vooruit, met op de banier de woorden van Henstra.

Dat is nu anders geworden, althans op één front. Afgelopen najaar kreeg ik het verzoek na te willen denken over een baan in Kenia. Mijn eerste reactie was: ‘Nou nee, ben blij dat ik daar weg ben.’ Een paar weken later werd mij gevraagd er toch nog eens extra over na te denken en ik besprak ‘t met N. Na een korte en lichte aarzeling zei ze, met twee knuisten in de lucht: “Doen!”

Toen ik aan het eind van mijn eerste 2 jaar in Kenia overbodig werd bij de firma waar ik voor werkte vroeg ik me af wat ik zou gaan doen. Blijven of vertrekken. Ik had ooit bedacht een jaar of 5 in Nairobi te gaan wonen en gevoelsmatig zat mijn tijd er nog niet op. Maar sullig blijven hangen was geen goede optie en mijn plezierige appartement was te duur om aan te houden. Juist in de tijd kwamen Bertil en Adina in Nairobi wonen. Bertil ging voor een Nederlands mediabedrijf de vestiging in Nairobi opzetten. Zij zochten een huis en waren met 2 koffers aangekomen en ik had een appartement dat redelijk ingericht was; stoelen tafels bedden borden glazen messen ijskast fornuis handdoeken lakens. Alles was er en was redelijk nieuw. Zij namen huis en spullen over.
In de afgelopen twee jaar heeft Bertil hard gewerkt en heeft van een klein obscuur mediabedrijfje aan de rand van een verre slum in Nairobi een serieus bedrijf gemaakt met een lekker kantoor net naast het business district. Maar na twee jaar was zij tijd op. Bertil en Adina gingen terug naar Amsterdam en ze zochten een opvolger voor zijn werk.

In de afgelopen 4 jaar woonde ik er eerst 2 continu in Kenia, de laatste 2 jaar was ik er veel. Ik woonde in Berlijn, Amsterdam maar had ook een schuilhut bij lieve vrienden in Nairobi. In februari 2013 vond ik het welletjes met dat nomadische gedoe en besloot me weer in Amsterdam te vestigen. Dat ik de amsterdamse N had leren kennen versnelde mijn beslissing. Ik werkte daar met vrolijke zin aan een hand vol projecten en het zal geen toeval geweest zijn dat een aantal van die projecten in Kenia plaatsvonden. Ik vond dat een goede deal. Ik kon zo mijn Oost-Afrikaanse expertise te gelde maken en toch in Amsterdam wonen. Iedere keer als ik in Nairobi was kwam ik Bertil wel ergens tegen, in een café, op een borrel, of we dronken koffie samen.

In juli polste hij mij om zijn baan over te nemen, in september opnieuw. In oktober had ik gesprekken met de baas in Amsterdam en in november was ik op proef in Kenia aan het werk. Op 1 januari, 4 dagen geleden, vloog ik hier naartoe met 2 grote koffers Eind januari komt N. ook deze kant op. Van Bertil en Adina kon ik ook ‘mijn’ appartement weer terugnemen. Met mijn stoelen, tafels, laken en handdoeken.
De planten op het terras zijn groter geworden en er staat ineens een giraffe in huis, maar verder lijkt het alsof ik 2 jaar lang mijn ogen heb dichtgehouden, ze nu weer geopend heb en naadloos in dit leven terugkeer.

Henstra zei nooit terug te keren waar je vandaan komt en dit afgelopen weekend lijkt verdomd veel op weekenden die ik eerder had: Een heel rustige zondagochtend op het terras met koffie en een wevervogeltje die de nectar van een hybiscus opzuigt. Het is verzengend warm. Straks even naar een gym, dan naar het maandelijkse ‘blankets and wine’ festival, eten bij Stijn en dan redelijk vroeg naar bed.

Vanaf eind januari is het anders, dan komt N hier heen en woon ik officieel samen. Zij zal er voor zorgen dat deze tour in Nairobi heel anders wordt dan alle vorige rondes.
Morgen naar kantoor, en ook daar is het anders dan ooit tevoren. Het werk is anders dan wat ik ooit deed. Dat is ook iets heel erg nieuws (en dat is ook nog heel erg spannend en dus heel erg leuk).

Hoewel ik naadloos het vorige leven inschuif in het appartement en het ritme, is het toch wel radicaal verschillend. De sterren staan anders.
Zou Henstra het gehad hebben over een fysieke plaats of over een mentale plek?




zondag 2 december 2012

Waarheid, geklooi, kunst en hobbyisme




Voor een productiemaatschappij ben ik bezig een documentaire te researchen over ‘de waarheid’. Voornamelijk over de waarheid op het internet en de veranderende omstandigheden omdat iedereen verschillende identiteiten kan aannemen en dan zelfs met weer een andere identiteit zichzelf kan tegenspreken. het is een fijn onderwerp, nogal weerbarstig ook. Hoe meer informatie er is hoe diffuser de waarheid wordt terwijl een duidelijke concrete en in basalt uitgehouwen waarheid de ruggengraat is van ons systeem. De waarheid is een hulpmiddel bij het beoordelen van goed en slecht.l
Het vinden van de Waarheid, is de taak van de journalisten, de rechters en de moeders (en hoeders) van onze cultuur. Het streven naar de Waarheid is de onderlegger van de manier waarop wij met elkaar omgaan.

Toen ik ooit in Azie woonde werd ik er gek van dat nooit iets echt duidelijk was; alles was op los zand gebaseerd, afspraken waren vloeibaar en vaag. Totdat ik er achter kwam dat de waarheid daar niet zo belangrijk is, maar dat het gaat om de interpretatie van de waarheid.
Ik zit nu in Afrika en dat zit er een beetje tussen is. Het koloniale systeem heeft een duidelijk juridisch bewustzijn gecreëerd. Dat is een richtlijn die overigens door corruptie weer geen cent waard is.

Afgelopen dagen las en hoorde ik een aantal interviews met Europese kunstenaars, muzikanten en schrijvers. Op een éen of andere manier ging dat steeds over echtheid. Echtheid is net zo’n vaag begrip als de waarheid. Wanneer wordt iets kunst, wat is de scheidslijn tussen hobbyisme en Grote Kunst.
Afgelopen week was ik naar een pianoconcert en de pianist, geen professional, had nogal hoog gegrepen. Alle lof voor zijn ambitie. Hij deed een pianoconcert van Rachmaninov en hij ramde in een sneltreinvaart alle noten er uit, het orkest sukkelde achter hem aan. Mijn vriend H merkte fijntjes op: “Hij speelde wel alle noten, maar vergat er muziek van te maken”. De spijker op z’n kop. Vandaag ben ik naar een galerie geweest, een nieuwe plek in Nairobi. Al die nieuwe appartementen voor de hogere middenklasse moeten behangen worden met kunst. Een groeimarkt. De Kenianen die daar rond liepen vonden het allemaal prachtig en de werken werden fiks verkocht. Ik vond het allemaal tenenkrommend. Het waren plaatjes van landschapjes en mensen door de oogharen gezien. Er was geen visie, geen bericht, geen mogelijkheid voor interpretatie. Het was ‘schön gepinselt” meer het werd maar geen kunst.

Ik ben opgegroeid met musea, concertzalen, galeries en een platencollectie. Door het internet en de duizenden sites die over moderne kunst gaan, kan je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen en vrijelijk lekker plaatjes kijken. Met een bescheiden CD collectie en Spotify kan je de beste uitvoeringen altijd overal horen. Na het Rachmaninov concert heb ik ‘even’ drie maestro’s gehoord die hetzelfde stuk speelden. Het verschil tussen ‘noten spelen’ en ‘muziek maken’ was evident. Na de tentoonstelling ben ik gaan browsen en vond interessante moderne Afrikaanse kunst.

Het is cru om hobbyisten te veroordelen en leerlingen moeten leren.
Het is flauw om de vegelijking te maken met de maestro’s van de penseel en de tonen. Maar wat je ziet of hoort plaats je onwillekeurig toch in een referentiekader.
Het objectieve verschil tussen hobby en kunst bestaat niet.
De waarheid, de echtheid, de puurheid en de oprechtheid kan je niet zien, kan je niet horen, maar je voelt het weldegelijk.
De moeite, het ambacht en de toewijding maken van een plaatje nog geen kunst, van veel noten nog geen muziek. (Hoewel het wel een voorwaarde is).

Wat dat betreft is het in de hele wereld als in Azië en Afrika: het verschil tussen goed en slecht kan alleen maar een interpretatie zijn. En dan gaat het er dus om dat je een eigen, op opvoeding, kennis en ervaring, gebaseerd netwerkje maakt van ingrediënten om te bepalen wat je zelf wel en niet goed vindt. En die waarheid, die je voor jezelf maakt moet weer vloeiend en flexibel zijn, want anders is ie weer van basalt en daarmee oninteressant.

En dan de vraag of de context van de maker daarin belangrijk is.
Nou, nee… maar dat is weer een heel andere discussie.




maandag 8 oktober 2012

sunday in the garden




Last Sunday I was cooking...
Indonesian food takes quite long.
Rendang needs to simmer for hours and so
I had time to walk in the garden

and play with my phone and a new set of lenses.
The result was quite interesting,
couldn't manipulate the colors or the focus points,
and it became spooky and nice.
I quite like it.


woensdag 26 september 2012

Laikipia Highland Games for Peace


Ieder jaar organiseert Kuki Gallmann op haar conservacy de z.g. Laikipia High games.

Kuki is een chique Italiaanse die een jaar of 45 geleden vanuit Venetië naar Kenya kwam. Ze werd met hart en ziel verliefd werd op het land. Haar Italiaanse man verongelukte hier na een paar jaar, haar zoon werd door een pofadder gebeten en bezweek. Ondanks deze tegenslagen bleef ze en zette ze zich in voor haar 111.000 hectare land en de dieren die er op leven, de mensen die er op en om leven. Zij trok aan alle bellen, rende van sponsor naar financier, van journalist naar politicus en op die manier agendeerde ze het behoud van de natuur, de co-existentie van volkeren en ontwikkelde een nieuwe manier van natuurbehoud.http://www.gallmannkenya.org/ Zij werd een boegbeeld van haar eigen wildpark en een van de vele boegbeelden van conservering van natuur. Iedereen in dit land kent haar en ook er buiten heeft zij een enorme reputatie, niet alleen door het boek dat zij schreef en dat in miljoenen exemplaren wereldwijd verkocht werd (I dreamt of Africa) en verfilmd werd met Kim Bassinger in de hoofdrol (echt een draak van een film). Haar charisma en overredingskracht zijn beroemd en iedereen op de wereld die ook maar een greintje gevoel voor Afrika heeft is bij haar langs geweest. Prins Bernhard had een buitengewone relatie met haar en ook andere wereldleiders (vooral mannen) willen graag wakker worden in het bed met uitzicht over de flamingo;’s van het Baringo meer, de grazende buffels of ’s nachts waker worden van de tientallen olifanten om je tent of rondstruinende leeuwen. Kuki is een entertainer met een groot hart en een enorme persoonlijkheid Ze is een levende legende.
 
Haar strijd voor neushoorns, olifanten, buffels en leeuwen is eeuwigdurend en nu de illegale jacht weer toeneemt zit zij, ondanks haar 70-jaar weer bovenop de zeepkist. Het gaat haar niet alleen om de dieren, ook de mensen vindt ze belangrijk. Ze is er van overtuigd dat de verschillende stammen en volkeren met elkaar in conflict blijven omdat ze (net als de dieren) klem komen te zitten tussen de opdringende wereld. Er is niet genoeg ruimte, de grondstoffen worden armer en de aanpassingen aan de ‘moderne’ tijd zijn lastig voor traditionalisten.


Eén maal per jaar organiseert Kuki de Highland Games for Peace. Daar wil ze dat de stammen gezamenlijk sporten, rennen, speerwerpen, dansen, zingen, feesten etc. Uit de dorpen op en rond haar gebied, en uit andere conflictgebieden in het land kwamen zo’n 1100 sporters. Omdat dit een groot en kleurrijk spektakel is, is het leuk om daar heen te gaan. Dat vinden zo’n 400 mensen uit Nairobi en een aantal internationale gasten. De plek waarop de games plaatsvinden is ook niet zuinig. Een grote open vlakte op de hellingen van Kuki’s land met een heel wijds uitzicht over de hele regio, vlak naast de landingsbaan (gasten komen ook per vliegtuigjes). Er is een permanent tentenkamp voor de gasten maar je kan ook je eigen tent meenemen. De feesttent was groot genoeg voor 1000 mensen.
Bij de openingsceremonie spraken de vertegenwoordigers van de verschillende stammen en bijzondere aandacht was er voor de conflicterende partijen uit de Tana Delta waar de afgelopen maanden zo’n 200 mensen zijn vermoord. Mijnheren die elkaar 2 weken geleden nog de hersen insloegen stonden nu vrede en liefde te verkopen.  Ook tussen andere stammen gaat het niet lekker: tussen de Pokot en de Samburu botert het niet, de stedelingen en de country dwellers gaan ook niet zo fijn samen, de Kikuyu uit de buurt worden met de nek aangekeken. Iedere afvaardiging mocht bij de opening het woord voeren maar deed dat in hun eigen taal, dus ik weet niet of de bedoeling goed overkwam bij de anderen. De Italiaanse priester, de moslim leider en zelfs de Israelische ambassadeur die als rabbi optrad, gingen voor in gebeden.

Op het heetst van de dag werd er hard gelopen en gevoetbald, gevolleybald en speer geworpen. Het fraaiste waren de masai-achtige jongens die cricket speelden in hun traditionele kleding.
De bezoeker wandelden rond, keken naar finales en uiteindelijk schaarden wij ons bij het sluitingsritueel waar alle verschillende groepen zongen en dansten. Het publiek was inmiddels gegroeid en ook honderden bezoekers die op het land van Kuki wonen waren komen kijken.  Veel kinderen, heel veel kinderen.
Als allerlaatste afsluiting greep Kuki zelf de microfoon en met een krachtige stem bedankte ze iedereen en deed een oproep voor de vreedzame co-existentie. De volgende keer als de Highland Games for Peace georganiseerd worden zal na de verkiezingen in maart 2013 zijn. De vorige verkiezingen van 2007 liepen uit op een bloedbad waarbij de verschillende etnische groepen elkaar over de kling joegen. Kuki nam het voortouw en deed een oproep om het deze keer net zo vredig te laten verkopen als de Highland Games. De leiders van de stammen knikten en stemden in.

Het zou geweldig zijn als volgend jaar teruggekeken kan worden op vreedzame verkiezingen, het zou geweldig zijn als het lukt door middel van dergelijke initiatieven de stammen vriendelijker met elkaar om te laten gaan.
De Laikipia Highland Games for Peace zouden een prachtig onderdeel kunnen worden van de MasterPeace http://www.masterpeace.org/agenda voor 2014, om te beginnen in 2013! Dit soort initiatieven zijn de moeite waard om meer internationaal bezoek te krijgen, duidelijker geagendeerd te worden. Het is echt een goed doel en: Het ziet er nog heel mooi uit ook!


als je klikt op de foto's...